Naar de inhoud
De EikVakantie in de Nederlandse natuur

De omgeving verkennen: dorpen, brinken en oude akkers

Tussen de natuurgebieden ligt een landschap dat net zo oud is als de bossen jong zijn: brinkdorpen, bolle akkers en houtwallen die percelen scheiden. Wie daar een halve dag in doorbrengt, begrijpt de rest van het gebied beter.

Dorpsbrink met een grasveld, oude eiken en lage keien langs de rand, omringd door boerderijen met rieten daken.
De brink is een open grasveld midden in het dorp, omzoomd door oude eiken. De keien langs de rand markeren waar vroeger de karren stonden.

01 De brink: het plein dat een weide was

Een brink is een open, met bomen omzoomde ruimte midden in een dorp. Oorspronkelijk diende hij als verzamelplaats voor vee voordat het naar de heide of het bos werd gedreven, en als plek waar hout en gereedschap gedeeld werden.

De eiken die er staan zijn er niet toevallig. Ze leverden schaduw voor het vee en hout voor de gemeenschap, en werden daarom generaties lang gespaard. Op veel brinken staan daardoor de oudste bomen van het dorp.

Voor een wandelaar is de brink de bruikbaarste pauzeplek die een dorp te bieden heeft: schaduw, banken, en meestal een pomp of een kraan.

02 De es: een akker die eeuwen groeide

Een es is een oud akkercomplex dat door eeuwenlange bemesting met plaggen en stalmest langzaam is opgehoogd. Dat is nog steeds te zien: de es ligt bol in het landschap en de randen lopen zichtbaar af.

Rond de es liggen vaak houtwallen of een randbeplanting, die het vee buiten hielden. Waar die wallen nog staan, vormen ze smalle stroken oud bos met een eigen begroeiing.

Op de es is de bodem lichter van kleur dan in de omliggende laagtes. Na de oogst is dat het duidelijkst zichtbaar, en dan trekt het ook de meeste vogels aan.

03 Houtwallen en de lijnen in het land

Houtwallen zijn opgeworpen aarden ruggen met struiken en bomen erop, aangelegd als perceelscheiding voordat prikkeldraad bestond. Ze lopen kaarsrecht of volgen een oude eigendomsgrens, en dat maakt ze op een kaart herkenbaar.

Ecologisch zijn ze belangrijker dan hun breedte suggereert: ze verbinden bosgebieden met elkaar en bieden dekking aan kleine dieren die het open veld niet oversteken.

Voor een wandeling zijn ze prettig omdat ze schaduw geven op een route die verder over open akker loopt.

04 Wat je in het dorp zelf ziet

Kijk naar de richting waarin de boerderijen staan. In veel Drentse dorpen staan ze met de kopgevel naar de brink en de lange zijde naar het land, wat een directe herinnering is aan hoe het bedrijf werkte.

Kerken staan vaak op het hoogste punt, met een kerkhof eromheen dat door de ophoging iets boven het straatniveau uitkomt. Dat hoogteverschil is een van de oudste zichtbare lijnen in een dorp.

Een halve dag dorp combineert goed met een ochtendroute langs hunebedden, zoals beschreven in de hunebeddenroute in Drenthe.

05 Het cultuurlandschap in een week inpassen

Zet het dorpenbezoek op een dag met matig weer. Het is de enige bezigheid in deze omgeving die door regen nauwelijks minder wordt, omdat er onderweg altijd iets overdekt is.

Combineer het met de fiets in plaats van met de auto: de afstanden tussen de dorpen zijn klein en de wegen ertussen lopen door precies het landschap dat hierboven beschreven staat. Routes daarvoor staan bij fietsroutes in Drenthe.

Verder lezen

Beelden van dit landschap staan bij elkaar in het fotoalbum.

Voor de natuurgebieden waar dit landschap aan grenst: de mooiste wandelroutes.

Terug naar de rubriek blog of naar de voorpagina.